Wie verlost de Amsterdamse politiek en politie van de beroepsmoslims?

Door Carel Brendel, 21 juli 2017

“Wij willen empoweren.” Mounir Dadi (links) en Saadia Ait-Taleb in het Sociaal Jaarverslag 2016 van de gemeente Amsterdam.

In februari 2014 deden drie islamitische koepelorganisaties – Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO), Milli Görüs en het Samenwerkingsverband voor Marokkaanse Nederlanders (SMN) een oproep tot meer overleg tussen gemeenten en moskeeën om radicalisering onder moslimjongeren te voorkomen. Naar aanleiding hiervan maakte het Amsterdamse webmagazine NAP een rondgang langs hoofdstedelijke moslimleiders. De conclusie was dat het nauwe overleg uit de tijd van Job Cohen (PvdA), dat wel eens smalend werd neergezet als “theedrinken”, was verwaterd onder zijn opvolger Eberhard van der Laan (PvdA).

Cohen, zijn belangrijkste wethouder Lodewijk Asscher (PvdA) en de toenmalige stadsdeelvoorzitter in Slotervaart, Ahmed Marcouch (PvdA) hoopten destijds radicalisme af te stoppen door in zee te gaan met “gematigde” moslims, in de praktijk veelal voormannen van Milli Görüs en de Moslimbroeders. Recente verwikkelingen zijn een indirect gevolg van deze koers.

De drie in 2014 door NAP geciteerde woordvoerders waren toenmalig CMO-woordvoerder Yassin Elforkani, SMN-secretaris Aissa Zanzen en Khalil Aitblal, woordvoerder van de Amsterdamse moskeekoepel UMMAO. De drie “beroepsmoslims” hebben opmerkelijke overeenkomsten. Alle drie zijn actief binnen de Partij van de Arbeid.

Elforkani rondde in 2015 een “talentenklasje” van de PvdA af en speelde in het voorjaar van 2016 even met de gedachte om zich kandidaat te stellen voor de Tweede Kamer. Aissa Zanzen stond in 2013 als nummer 15 op de PvdA-lijst voor de Amsterdamse raad. Door de tegenvallende uitslag werd hij niet verkozen. Aitblal is sinds mei 2015 algemeen bestuurslid van de Banning Vereniging, een nauw met de PvdA verbonden denktank over religie en politiek.

Een andere overeenkomst tussen de drie is dat ze alle drie banden hebben met de Moslimbroeders. Elforkani gaf bijna vier jaar lang leiding aan Europe Trust Nederland, de vastgoedstichting van de Moslimbroeders die eigenaar is van de Blauwe Moskee in Amsterdam-Slotervaart, het dawah centrum De Middenweg in Rotterdam en de Haagse vestiging van de Stichting Sociaal Cultureel Centrum Nederland (SSCCN). Elforkani was tevens voorzitter van de Blauwe Moskee. In 2013 vertrok Elforkani als bestuurder, naar eigen zeggen na vergeefse pogingen om de ideologie van de Moslimbroeders buiten de deur te houden. Gezien zijn regelmatige optredens in de Blauwe Moskee is Elforkani wel uit de Moslimbroederschap, maar is de Moslimbroederschap nog niet uit Elforkani.

Zanzen werkte in het verleden nauw samen met Yahia Bouyafa, voorzitter van de Federatie van Islamitische Organisaties in Nederland (FION), ooit de Nederlandse tak van de Europese Moslimbroeders. Samen schreven ze een brief naar geestelijk leider Yusuf al-Qaradawi. Ze zochten hulp voor de organisatie van een Koranwedstrijd ten einde de negatieve beeldvorming rond moslims te doorbreken. Zanzen viel verder op door zijn deelname aan demonstraties van het Palestijns Platform Mensenrechten en Solidariteit (PPMS), de pro-Hamas-lobby van Amin Abou Rashed. Verder bestempelde hij Issam al-Bashir, een internationale topman van de Moslimbroeders, als “mijn favoriete geleerde”.

Aitblal verkeerde al enige tijd in het vaarwater van de politieke islam. Hij houdt zich onder meer bezig met de uitwisseling van studenten met Qatar. Sinds kort fungeert hij als bestuurslid en woordvoerder van de Blauwe Moskee. Een functionaris van de Moslimbroeders mag dus in PvdA-kringen meedenken over het beleid omtrent religie.

Er is nog een overeenkomst tussen twee van de drie PvdA-broeders. Elforkani en Aitblal zijn zelfstandig ondernemer en mede actief als adviseur van de lokale overheid. Opdrachtgevers van Elforkani’s Vizea zijn onder anderen de gemeente Amsterdam, diverse stadsdelen en gemeentelijke diensten, en de politie Amsterdam-Amstelland. Aitblal is zelfstandig adviseur en eigenaar van Refresh Events. Tot zijn klantenkring rekent hij ook de gemeente Amsterdam.

Het fenomeen van de beroepsmoslim met meer petten (PvdA-lid, Moslimbroeder en gemeentelijk adviseur) is actueel als gevolg van de onthullingen van De Telegraaf over het corruptieschandaal bij de dienst Openbare Orde en Veiligheid van de gemeente Amsterdam. Daar is Saadia Ait-Taleb (PvdA), programmamanager radicalisering en polarisatie en omschreven als rechterhand van Van der Laan, geschorst op verdenking van belangenverstrengeling en vriendjespolitiek. Wie de bevoordeelde (ex-)partner van Ait-Taleb is, blijft vooralsnog onduidelijk.

Media – voor zover bereid en in staat om de affaire te onderzoeken – weten intussen wel te melden dat Ait-Taleb in het verleden opdrachten heeft verstrekt aan Vizea. Daarnaast blijkt Mounir Dadi, echtgenoot van oud-stadsdeelvoorzitter Fatima Elatik (PvdA), te fungeren als senior adviseur radicalisering, en daarmee als rechterhand van Ait-Taleb.

Vandaag (21 juli) ging De Telegraaf verder met een reportage over “de ongezonde kliek” met bevriende ambtenaren en politici bij het team Radicalisering en Polarisatie. Ait-Taleb zou zeer goed bevriend zijn met het echtpaar Dadi-Elatik. In 2010 trad ze, aldus De Telegraaf, op als informeel campagneleider bij de herverkiezing van Elatik als stadsdeelvoorzitter in Oost. In 2009 was Ait-Taleb kortstondig bestuurder van de kersverse PvdA-afdeling Nieuw-West. Ze vertrok echter wegens de spanningen binnen de lokale partij als gevolg van de stammenstrijd tussen de bloedgroepen Osdorp (Achmed Baâdoud) en Slotervaart (Marcouch).

Telegraaf-columniste Nausicaa Marbe deed vanmorgen een hartstochtelijke oproep om het “moslimkartel van de PvdA” – lees: de kliek rond Elatik – te breken. Geen eenvoudige zaak want critici binnen partij en gemeente moeten kennelijk vrezen voor hun loopbaan, terwijl het stadsbestuur niets deed met waarschuwingen over cliëntelisme.

Elatik is na een nogal omstreden carrière weg als stadsdeelbestuurder. Zij heeft inmiddels een adviseurspost bij de Amsterdamse politie, waar zij hoofdcommissaris Pieter-Jaap Aalbersberg adviseert over het onderwerp “diversiteit”. Elatik ontkent dat zij de inspirator was van het ongelukkige voorstel om de hoofddoek toe te staan bij de politie.

Recente publicaties door niet-weldenkende media (De Telegraaf, GeenStijl) suggereren dat ook daar sprake is van ongewenste netwerkvorming. In november 2016 berichtte De Telegraaf over een onderzoek naar de Arrayan Moskee in Amsterdam-Noord, waarvan de voorzitter telefonische contacten had met de moslimextremisten Sabir K. en Soufiane Zerguit. Naar aanleiding daarvan diende Zanzen namens de moskee een klacht in tegen het gedrag van politieman en oud-PVV-Kamerlid Hero Brinkman. De Telegraaf meldde ook dat moskeevoorzitter Aziz Oilkadi contact opnam met een politieman van Marokkaanse afkomst die interne informatie zou hebben doorgegeven over Brinkman.

GeenStijl legde in mei de hand op interne tapverslagen van het telefoongesprek tussen Oilkadi en de politieman. Uit deze verslagen kwam naar voren dat Oilkadi ook de leider van het Marokkaans Netwerk van de politie Amsterdam-Amstelland, de in een totaal ander stadsdeel werkzame inspecteur Ben Nassir Bouayad, inschakelde om zaken rond het onderzoek te bespreken.

Bouayad is de grote man achter de jaarlijkse politie-iftar, de grootste door een overheidsinstantie georganiseerde religieuze activiteit in Nederland. Bij de laatste editie ging de aan de Moslimbroeders gelieerde imam Abdelilah el-Amrani voor in het gebed. Die gebruikt zijn goede contacten met Aalbersberg en Bouayad om zijn bouwplannen voor een islamitisch centrum te promoten.

Niet alleen op het Amsterdamse stadhuis, maar ook op het hoofdstedelijke politiebureau kunnen ze een bezem goed gebruiken. Maar welke politieke partij durft de bezem aan te pakken?

Stichting Democratie en Media tipte ook Dyab Abou Jahjah over nieuwe subsidies

Door Carel Brendel, 18 juli 2017

Maartje Eigeman, programmamanager bij de Stichting Democratie en Media (SDM) voor ‘de prioriteit moslimdiscriminatie”, krijgt voor een half jaar versterking. SDM, dat zichzelf beschouwt als de geestelijke erfgenaam van verzetskrant Het Parool, opende onlangs een vacature voor een “projectassistent”, die twee van de drie werkdagen in de weer is met “moslimdiscriminatie”. SDM heeft namelijk besloten om dat laatste fenomeen tot een van haar prioriteiten te maken “vanwege verschillende zorgwekkende ontwikkelingen in de Nederlandse samenleving met betrekking tot de positie van moslims”.

Over het hoe en waarom van dat besluit verstrekt SDM tot dusver bijzonder weinig publieke informatie. De van oudsher zeer seculiere stichting, hoeder van de identiteit van een krant die vroeger totaal niets met religie had, heeft nog niets uitgelegd over deze koersverlegging.

De nieuwe koers zette vorig najaar in met het SDM-besluit om 28.000 euro subsidie toe te kennen aan het project Moslims en Media van de Rotterdamse moskeekoepel SPIOR. Uit de beschrijving van SPIOR kan ik geen andere conclusie trekken dan dat het geld bedoeld is om onwelgevallige berichtgeving over de islam te bestrijden. Een nogal merkwaardig doel voor een stichting die zegt op te komen voor kritische en onafhankelijke journalistiek.

We zijn inmiddels tien maanden verder maar het SPIOR-project is nog steeds niet “uitgelicht” (zo heet dat in het jargon) op de SDM-website. Dankzij enkele tweets van betrokkenen weten we alleen dat er in mei 2017 een vierdelige workshop is geweest op de redactie van de lokale omroep RTV Rijnmond met onder de sprekers Jamal Ahajjaj, beter bekend als “Aboe Ismail” die volgens de AIVD (pdf) een belangrijke rol speelt bij de verspreiding van het salafisme in Nederland.

Op 30 mei meldde SPIOR op Twitter dat na vier bijeenkomsten bij Rijnmond nu de NOS-redactie aan de beurt was. Uit bijgevoegde foto’s bleek dat imam Azzedine Karrat van de Essalam Moskee en de jonge pro-Hamas-activist Mohammed Akkari aan tafel zaten bij de laatste Rijnmond-sessie. Over het verloop van de tweede workshop bij de NOS laten de betrokken echter niets los. SDM, SPIOR, NOS en de ingehuurde freelancer Prya Bisambhar besloten tot een totale radiostilte rond het project. Onduidelijk bleef waarom de publieke omroep zich over de islam laat bijpraten door gesubsidieerde beroepsmoslims.

Lees de rest van dit artikel »

Turkse staatsinstelling Diyanet zit nu in Qaradawi’s Europese fatwaraad

Door Carel Brendel, 7 juli 2017

Ekrem Keles

In oktober 2016, in een blog over de deelname van de Rotterdamse imam Azzedine Karrat, aan de beraadslagingen van de European Council for Fatwa and Research (ECFR), wist ik van twee sprekers in Istanbul de juiste naam niet te vinden. De Google-vertaalmachine zadelde mij op met de namen “Mullah Mustafa Oglu” en “Akram Kalash”.

Dankzij nieuw zoekwerk heb ik onlangs de identiteit van beide geestelijken achterhaald. De juiste namen zijn Mustafa Mullaoglu en Ekrem Keleş. Beiden zijn lid van de ECFR, die in 1997 in het leven werd geroepen door de Federation of Islamic Organisations in Europe (FIOE), de Europese koepelorganisatie van de Moslimbroeders. De ECFR, voorgezeten door Yusuf al-Qaradawi, geeft adviezen en richtlijnen hoe Europese moslims zich moeten gedragen in een niet-islamitische omgeving.

Het hoofdkwartier van de ECFR (pdf) is in Dublin bij het Islamic Cultural Centre of Ireland (ICCI), dat (net als de Essalam Moskee in Rotterdam) tot stand kwam met steun van de Maktoum Foundation uit de Verenigde Arabische Emiraten (VAE). Inmiddels hebben VAE en Moslimbroeders een hoog oplopende ruzie, maar in 2011 betuigde Qaradawi nog zijn dank voor de steun voor ICCI en ECFR vanuit de VAE.

Ekrem Keleş is een hoge functionaris van Diyanet, het Turkse Presidium voor Godsdienstzaken dat toezicht houdt op moskeeën in binnen- en buitenland. Volgens Turkse media is hij voorzitter van de Hoge Raad voor Religieuze Zaken. De Engelstalige site van de Tukse pro-Erdogan krant Daily Sabah noemde Keleş “plaatsvervangend hoofd” van Diyanet. Dat was in 2015 toen hij met andere Diyanet-leiders in Zweden een ECFR-vergadering bijwoonde over de Ramadan in periodes dat in het hoge Noorden van Scandinavië de zon niet of heel kort ondergaat.

Blijkens de ledenlijst op de ECFR-website is Keleş inmiddels officieel lid van de Europese fatwaraad. In een ledenlijst uit 2010 was nog geen sprake van Turkse leden. De benoeming van Keleş betekent twee dingen. De samenwerking tussen het Erdogan-regime en de Moslimbroeders is weer een stukje intenser geworden. En de Lange Arm van Ankara bemoeit zich nog meer met het reilen en zeilen van alle moslims in Europa.

Lees de rest van dit artikel »

U-vraagt-wij-draaien-sjeik Tarik Chadlioui struikelt over Spaanse speurders

Door Carel Brendel, 4 juli 2017

Screenshot van preek uit 2010, waarin Tarik Chadlioui de jihad aanprijst.

Met aanvulling over Chadlioui als vermeende inspirator van terrorist in Parijs.

Vanuit onverwachtse hoek is er een voorlopig einde gemaakt aan de activiteiten van de omstreden imam Tarik Chadlioui, alias “Tarik Ibn Ali”, rondreizend salafistisch prediker en fondsenwerver, die zijn aanhang toespreekt in de Berbertaal van het Rifgebied van Marokko. Chadlioui trad de afgelopen jaren op in zo’n dertig Nederlandse moskeeën, maar was ook geliefd in België, Duitsland, Frankrijk en Spanje. Afgaande op de bedragen op zijn YouTube-kanaal heeft Chadlioui miljoenen euro’s ingezameld voor moskeeën en andere organisaties.

Een arrestatieteam van de West Midlands Counter Terrorism Unit klopte woensdagmorgen (28 juni) aan in Sparkbrook, Birmingham, waar de in Marokko geboren Belg en zijn gezin waren neergestreken. De Britse politie kwam in actie op verzoek van de Spaanse autoriteiten.

De Spaanse politie zelf arresteerde vier mannen op het vakantie-eiland Mallorca. Een zesde verdachte werd opgepakt in Dortmund. De zes arrestanten, allen met een Marokkaanse achtergrond, zouden volgens de Spaanse politie een geheime ISIS-cel hebben gevormd en geprobeerd hebben om jongeren over te halen om zich bij de jihad in Syrië aan te sluiten. Chadlioui (niet bij name genoemd in de eerste Spaanse berichten) zou de geestelijk leider zijn van de Mallorca-jihadis.

Lees de rest van dit artikel »

Nederlandse Politiebond verbindt zich op iftar met de dawah beweging

Door Carel Brendel, 26 juni 2017

Het Suikerfeest kwam en dat betekende het onverbiddelijke einde van de ramadanjournalistiek. De komende elf maanden hoeft u geen tenenkrommende stagiairestukjes meer te lezen over verbinding, diversiteit en gastvrijheid. Het is afgelopen met de lekkere hapjes na het invallen van de duisternis.

Voorop bij de verbinding ging de politie. Columnist Jan Dijkgraaf telde minstens acht politie-iftars – door de Nederlandse overheid georganiseerde religieuze bijeenkomsten. “Weldenkende” media zetten nauwelijks vraagtekens bij deze branchevervaging of bij de aantasting van de neutraliteit van de politie. Voor het tegengeluid moesten we dit jaar onder anderen bij GeenStijl zijn.

Opmerkelijk was ook dat de vraag “Met wie eigenlijk verbindt de politie zich?” zelden werd gesteld. Zelf meldde ik dat de Amsterdamse politie tijdens haar iftar, de oudste en grootste van het land, in zee ging met Abdelilah el Amrani. Deze imam spreekt op het Nederlandse deel van zijn website volop van verbinding, maar uit een Arabischtalig artikel op dezelfde website blijkt dat hij juist wil voorkomen dat moslimjongeren zich te veel met de Nederlandse samenleving verbinden. El Amrani, geruggesteund door El Khammar El Bakali, het Nederlandse lid van Qaradawi’s Europese fatwaraad ECFR, probeert 3 miljoen euro in te zamelen voor een nieuw islamitisch centrum. Hij maakt daarbij goede sier met zijn warme contacten met korpschef Pieter-Jaap Aalbersberg.

De politievakbond sloot zich dit jaar aan bij de rage. De Nederlandse Politiebond (NPB) organiseerde vrijdag een landelijke iftar in een partycentrum in Utrecht: “De NPB is een bond van en voor iedereen. Om dat te vieren organiseert de commissie Diversiteit van de NPB-afdeling Midden-Nederland een landelijke iftar met inspirerende sprekers, een bijzondere sfeer en uiteraard lekker eten. Zorg dat je erbij bent op vrijdagavond 23 juni!”

Lees de rest van dit artikel »

Imam gebruikt Amsterdamse politie om islamitisch centrum te promoten

Door Carel Brendel, 23 juni 2017

Abdelilah el Amrani als voorganger op de Amsterdamse politie-iftar.

Voor de vijftiende keer hield de Amsterdamse politie vorige week haar jaarlijkse iftar. Het is een ongekend fenomeen dat een Nederlandse overheidsinstelling tonnen uitgeeft om een religieus evenement te organiseren. In de publiciteit was tot dusver weinig aandacht voor de imam die voorging in het gebed tijdens de politiebijeenkomst. Abdelilah el Amrani is voorzitter van een stichting die 3 miljoen euro wil werven voor een nieuw islamitisch centrum in Amsterdam-Noord. Hij krijgt daarbij de steun van de politieke islam. Daarnaast gebruikt hij zijn goede contacten met de politie voor de promotie van zijn plannen.

Een verbijsterende video verscheen vorige week op website ThePostOnline. Het filmpje, oorspronkelijk geplaatst op het YouTube-kanaal van Rachid Khattach, vertoonde beelden van de vijftiende iftar van de Amsterdamse politie.

Hoofdcommissaris Pieter-Jaap Aalbersberg sprak van “deze heilige maand”, alsof de ramadan heilig zou zijn voor de hele stadsbevolking. Aalbersberg sprak daarnaast over “de stad waar meer dan de helft van de mensen geen Nederlandse achtergrond heeft”. De politiechef herhaalde daarmee de valse rekensom waarmee Amsterdammers met Duitse, Belgische, Britse, Franse, Indische, Surinaamse, Antilliaanse, Kaapverdische, Braziliaanse, Japanse, Poolse, Canadese en Amerikaanse ouders worden ingezet om het diversiteitsgedram rond de islam te rechtvaardigen.

Bij het aanstellingsbeleid sprak Aalbersberg opeens over “50 procent nieuwe agenten met een niet-westerse achtergrond”. Heel jammer voor de westerse allochtonen. 140.000 van de 833.000 Amsterdammers, een zesde van de bevolking, mogen meedoen bij de “diverse” rekensom van Aalbersberg. Maar voor een voorkeursbehandeling zijn Duitsers, Belgen, Polen, Portugezen en Oekraïners kennelijk niet divers genoeg.

Bijzonder was ook dat een imam voorging tijdens het gebed op een bijeenkomst van de Nederlandse overheid. Zijn naam was Abdelilah el Amrani. Ook hij kwam aan het woord in de video.

Op zijn Facebook-pagina plaatste El Amrani een eigen video over de politie-iftar. El Amrani zei volgens de ondertiteling: “Wij zijn blij en verheugd met deze gelegenheid. Zeker vanwege de onderscheiding die wij hebben ontvangen van de Amsterdamse politie. Wij zijn blij en vereerd met deze onderscheiding. Ook als ik deze onderscheiding niet zou hebben ontvangen, wil ik de bondgenoten van de politie bedanken voor al het werk dat zij verrichten en het vertrouwen dat zij in ons hebben. Vorige maand hebben wij ook een onderscheiding mogen ontvangen, uitgereikt door de politie van de wijk Slotervaart, voor alle inspanningen voor veiligheid en stabiliteit in deze wijk.”

El Amrani prijst Amsterdamse korpsleiding in video van Cultureel Centrum Avicenna.

El Amrani sprak in het bijzonder zijn waardering uit voor hoofdinspecteur Ben Nassir Bouayad (oprichter van het Marokkaans netwerk bij de Amsterdamse politie) en korpschef Aalbersberg.

Uit de video’s over de iftar blijkt dat El Amrani betrokken is bij drie organisaties: Jongeren met een Toekomst, Dar el Huda en Cultureel Centrum Avicenna. Volgens informatie van de Kamer van Koophandel zijn de drie stichtingen ingeschreven op hetzelfde adres in Slotervaart. In alle gevallen fungeert El Amrani als voorzitter.

Lees de rest van dit artikel »

Waar en wanneer is deze foto genomen?

Door Carel Brendel, 29 mei 2017

A. Een stadsbus in Montgomery in de zuidelijke Amerikaanse staat in Alabama, op 1 december 1955.

B. Een collegezaal van de Vrije Universiteit in Amsterdam-Buitenveldert, op 21 mei 2017.

Het antwoord is natuurlijk niet zo moeilijk. De foto is genomen tijdens het eerste evenement van de Moslimstudenten Associatie Nederland (MSA), een nieuwe koepel van negen islamitische studentenverenigingen. De oprichting van deze MSA betekent dat de voorstanders van segregatie vastere voet hebben gekregen aan Nederlandse universiteiten. Zo te zien stemt de intellectuele voorhoede van de moslims in Nederland probleemloos in met de religieus geïnspireerde seksuele apartheid.

Stichting Democratie en Media steunt hoofddoeklobby van Moslimbroeders

Door Carel Brendel, 22 mei 2017

Stichting Democratie en Media (SDM) doet weer een nieuwe stunt. Onlangs meldde ik dat de mediastichting de workshop Moslims en Media subsidieert. Daar mocht de salafistische prediker Jamal Ahajjaj (Aboe Ismail) van de Haagse As-Soennah Moskee aan Rotterdamse journalisten vertellen hoe mooi de islam is. In samenwerking met de Open Society Foundations (OSF) van George Soros ondersteunen de zelfbenoemde erfgenamen van het zeer seculiere verzetsblad Het Parool nu ook juridische acties om de islamitische hoofddoek door te drukken op plaatsen waar deze nu nog niet mag.

Op de islamistische agenda staat een verweer tegen een recente uitspraak van het Europese Hof van Justitie, dat werkgevers (onder strikte voorwaarden) toestaat om de hoofddoek van de werkplek te weren. Dit vonnis was tegen het zere been van de Moslimbroeders. Zij begonnen dit voorjaar een campagne tegen de zogenaamde “Muslim Women Ban”, onder leiding van het European Network Against Racism (ENAR), een Europese koepel van “antiracistische” organisaties.

Opvallend was de deelname van enkele nauw met de Moslimbroederschap verbonden groepen. De ENAR-verklaring werd ondertekend door FEMYSO (de jongeren en studentenorganisatie van de Europese Moslimbroeders), het European Forum of Muslim Women (EFOMW, de vrouwenbond van de Moslimbroeders), en door de Franse en Belgische anti “islamofobie” collectieven CCIF en CCIB. ENAR zelf is een bredere organisatie, maar de islamitische “bloedgroep” is op Europees niveau volledig in handen van de Moslimbroeders via FEMYSO en EFOMW.

Dat laatste geldt (nog?) niet voor de Nederlandse ondertekenaars. Dat waren de Rotterdamse moskeekoepel SPIOR, de islamitische vrouwenvereniging Al-Nisa, en het links-seculiere Emcemo (bij lezers van dit blog vooral bekend vanwege de infame herdenking van Hamas-leider Ahmed Yassin). Deze drie clubs hebben zich in Nederland gestort op de bestrijding van “islamofobie”.

De leidster van de Europese campagne is Julie Pascoët, beleidsfunctionaris bij ENAR en voorheen actief bij FEMYSO en Islamic Relief, volgens expert Steven Merley een hulporganisatie van de Moslimbroeders, waarin internationale topfiguren als Ibrahim El-Zayat, Ahmed Al-Rawi, Essam Al-Haddad en Issam El-Bashir (de favoriete geleerde van PvdA-lid Aissa Zanzen) een hoofdrol speelden. Pascoët en vertegenwoordigers van bovengenoemde organisaties hadden in februari, onder auspiciën van OSF, in Barcelona nog een ontmoeting met de Amerikaanse nepfeministe Linda Sarsour. Daar werden Trans-Atlantische initiatieven tegen “islamofobie” besproken.

Onderonsje op een OSF-bijeenkomst in Barcelona. Links Linda Sarsour, rechts Julie Pascoët.

Op 16 mei was Pascoët namens ENAR in Amsterdam voor een “strategy meeting” over mogelijke hoofddoekprocessen. Daarbij prees ze het werk van Al-Nisa, waar sinds 2013 de voormalige “halalmeid” Esmaa Alariachi (eveneens ex-Islamic Relief) als voorzitter fungeert. Alariachi was afgelopen weekend prominent aanwezig bij de actie van een Amsterdamse wijkagente, die de dienstvoorschriften aan haar laars lapte door op eigen houtje alvast een hoofddoek om te doen. Deze provocatie paste mooi in het straatje van de hoofddoekdrammers rond Pascoët.

Esmaa Alariachi (rechts) met de zelf-islamiserende wijkagente.

Uit een andere tweet van Al-Nisa blijkt dat de zogeheten “Legal Expert Meeting” was belegd door het Open Society Justice Initiative, de Stichting Democratie en Media, het Clara Wichmann Proefprocessenfonds (een feministisch fonds dat bekend werd door tegen het vrouwenverbod in de SGP te procederen). de Universiteit van Amsterdam (UvA) en het Amsterdam Centre for European Law and Governance (ACELG), een instituut van de Amsterdamse universiteit. De UvA stelde ook een ruimte in de Oudemanhuispoort ter beschikking.

Het overleg had drie doelstellingen: “Informatie verstrekken over de uitspraak en uitdagingen van het Europese Hof van Justitie; het onderzoeken van de mogelijkheden voor juridische, politieke en sociale acties in Nederland; de rol van Nederland in Europa en versterkte Nederlandse coördinatie-inspanningen.” De derde doelstelling klinkt nogal vaag. Waarschijnlijk is het de bedoeling dat ons land een grotere rol gaat spelen in hoofddoekcampagnes en/of -processen.

Wat had SDM in godsnaam te zoeken bij dit overleg? Het Parool had tijdens en na de oorlog totaal niets met religie. In de uitsluitingsgronden (pdf) staat dat initiatieven met een primair (partij) politieke of religieuze doelstelling niet voor SDM-subsidie in aanmerking komen. Desondanks gaf de stichting geld voor een islamdebat in een moskee (van de Moslimbroeders) en een mediaproject, waar een salafist zijn ideologie kon promoten. En als er iets zowel politiek als religieus is dan zijn het wel de pogingen van Pascoët en de Moslimbroeders om de hoofddoek door te drukken.

Wat beweegt voorstanders van de open, liberale samenleving zoals SDM en Soros, maar ook de feministen van Clara Wichmann, om steun te verlenen aan de lobby van de Moslimbroeders? Ik vrees dat we hier te maken hebben met het misverstand van de goede bedoelingen. De Parool-erfgenamen denken te strijden tegen discriminatie en op te komen voor diversiteit, keuzevrijheid en vrouwenrechten. In werkelijkheid vertrappen ze juist de rechten van miljoenen vrouwen die wereldwijd worden gedwongen om hijab, niqab en alles wat daar tussen zit te dragen.

De goeddoeners van SDM en OSF staan niet stil bij kleine kinderen, die door hun ouders worden gedwongen een hoofddoek te dragen – een praktijk die intussen ook doordringt op niet-islamitische basisscholen in Nederland. Ze bestrijden niet de sociale druk van religieuze groepen, maar helpen de religieuze geestdrijvers juist om hun greep op vrouwen te vergroten.

De omkering van liberale waarden leidt er toe dat zichzelf progressief wanende instellingen bijdragen aan de promotie van op de sharia gebaseerde kledingregels. Moslimbroeders en salafisten, uitgesproken vijanden van de open, liberale samenleving, kraaien van plezier bij zoveel naïviteit. SDM & Co. bereiken ondertussen het tegendeel van wat ze beogen. Ze oogsten geen diversiteit en keuzevrijheid, maar bevorderen eenvormigheid en dwang in de doelgroep. De naoorlogse verzetsstrijders zijn niet “vrij, onverveerd”, maar doen met hun subsidies juist afbreuk aan de nagestreefde “integere, democratische rechtsstaat”.

Meer artikelen over Stichting Democratie en Media, ook van andere auteurs, vindt u bij ThePostOnline.

PS: Een aantal van de in dit artikel genoemde organisaties, met name ENAR, maar ook FEMYSO, EFOMW, CCIF en CCIB, ontvangen subsidies van de Europese Commissie en Open Society Foundations.

Democratie en Media subsidieert workshop met salafistische voorman Aboe Ismail

Door Carel Brendel, 18 mei 2017

Stichting Democratie en Media beschouwt zichzelf als de geestelijke erfgenaam van verzetskrant Het Parool.

UPDATE (1 juni). Na vier bijeenkomsten bij RTV Rijnmond verhuist de workshop naar de nationale publieke omroep. Is de ramadanjournalistiek uit het Hilversumse mediapark nog niet positief genoeg?

Het is alweer bijna een jaar geleden dat ik me enorm verwonderde over het feit dat de Stichting Democratie en Media (SDM) een subsidie van 28.500 euro had toegekend aan de Rotterdamse moskeekoepel Stichting Platform Islamitische Organisaties Rijnmond (SPIOR).

SDM, dat zichzelf beschouwt als de geestelijke erfgenaam van verzetskrant Het Parool, verleende de subsidie niet om kritische en onafhankelijke journalistiek te bevorderen. Uit de beschrijving van het project “Moslims & Media. Kennis & kennismaking” blijkt dat het project juist is bedoeld om onwelgevallige media-uitingen te voorkomen.

SPIOR klaagde over “de eenzijdige en selectieve berichtgeving en de negatieve beeldvorming over moslims en de islam.” Daarom, aldus SPIOR: “Het project ‘Moslims en media: kennis en kennismaking’ beoogt hierin verandering te brengen door in te zetten op ontmoeting en kennisoverdracht tussen media en lokale gemeenschappen. Het doel is om door middel van workshops verbinding en samenwerking te creëren tussen beide partijen en daarmee wederzijdse toegang te vergemakkelijken, inzichtelijk te maken bij moslimgemeenschappen hoe de media functioneert en de media bewust(er) te maken van de diversiteit en diversiteit aan perspectieven binnen moslimgemeenschappen. Voor deze pilot wordt het workshopprogramma ontwikkeld en uitgevoerd bij twee verschillende media-instellingen. Bij een positieve evaluatie kan het programma worden aangeboden aan andere media.”

Hier steunt SDM niet een journalistieke poging om de macht (een islamkoepel) te controleren maar een poging van de macht (een islamkoepel) om de journalistiek te beïnvloeden. Ik vroeg me af of de erfgenamen van Het Parool ook een poging van een bankiersvereniging zouden ondersteunen die tot doel zou hebben om “negatieve beeldvorming” tegen te gaan en positieve berichtgeving over banken te bewerkstelligen.

Uiteraard mag een particuliere stichting als SDM zijn geld uitgeven zoals het haar goeddunkt, maar ik vind het wel heel merkwaardig dat een van oorsprong seculiere organisatie – met een lange traditie van verzet tegen totalitaire stromingen – een islamitische organisatie subsidieert terwijl volgens de eigen uitsluitingsgronden (pdf)” initiatieven met een primair (partij-) politieke en religieuze doelstellingen” niet voor ondersteuning in aanmerking komen.

Lange tijd bleef het stil rond Moslims en Media, maar op 9 mei is het SPIOR-project dan eindelijk van start gegaan. Verantwoordelijk voor de uitvoering is freelancer Priya Biambhar, een voormalige medewerker van RTV Rijnmond. Uit een SPIOR-tweet blijkt dar regionale omroep RTV Rijnmond en de lokale publieke omroep Open Rotterdam deelnemen aan de workshop.

De tweede bijeenkomst vergrootte mijn verbazing over het door SDM gesubsidieerde mediaproject. Bisambhar meldde namelijk op 16 mei op Twitter dat er “een mooi gesprek” was gevoerd met onder anderen “imam/schrijver Jamal Ahajjaj”.

Wacht even! Jamal Ahajjaj is niemand minder dan de salafistische prediker “Aboe Ismail”, imam van de As-Soennah moskee in Den Haag, en de tweede man in de tijd dat sheik Fawaz Jneid daar nog de scepter zwaaide. In een uitgave van de Nationaal Coordinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (pdf) (NCTV), gewijd aan het Saoedisch geïnspireerd salafisme, lees ik: “De Stichting Sounna in Den Haag is in 1990 opgericht en heet sinds de wijziging van de statuten in 1998 de Stichting As-Soennah/Centrum Sheikh al Islam Ibn Taymia De stichting is met indirecte bemoeienis vanuit Saoedi-Arabië opgericht. Het gezicht van de aan de stichting verbonden As-Soennah-moskee wordt bepaald door imam Fawaz Jneid. Fawaz Jneid geniet nationale bekendheid door zijn optredens in de media. Aan de moskee is ook de prediker Jamal Ahajjaj (Abu Ismail) verbonden. Jamal Ahajjaj speelt een belangrijke rol in de verspreiding van het salafisme.”

Dat was in 2007. Dankzij de opkomst van het jihadii salafisme is het politieke salafisme van As-Soennah ineens “gematigd” geworden. Predikers als Ahajjaj verspreiden nog steeds het salafisme, maar doen er nu alles aan om deze stroming salonfähig te maken. Vanuit zijn oogpunt kan ik me dat voorstellen. Ook SPIOR moet zelf weten of het deze figuur inschakelt om een positiever image van de islam in de media aan de man te brengen.

Maar het blijft verbijsterend om te zien dat een workshop met deelname van Ahajjaj wordt ondersteund door een stichting met de naam Democratie en Media. Het Parool stond in 1940 als een van de eersten in Nederland op tegen de totalitaire ideologie van het nationaal-socialisme uit Duitsland. De krant stond na 1945 voorop bij de strijd tegen de totalitaire ideologie van het communisme uit de Sovjet-Unie. En nu geven de zogenaamde “erfgenamen” van Het Parool steun aan een voorman van de totalitaire ideologie van het salafisme uit Saoedi-Arabië? Het blijft onvoorstelbaar.

Amerikaanse Moslimbroeder adviseerde Nederlandse studentenkoepel

Door Carel Brendel, 12 mei 2017

Altaf Husain, adviseur van MSA Nederland, is de hoofdpersoon van het tweede evenement van de nieuwe studentenkoepel.

De Muslim Student Association (MSA National), een koepel van studentenverenigingen in de Verenigde Staten en Canada, zag het levenslicht in 1963. In hetzelfde jaar ontstond in Groot-Brittannië en Ierland de Federation of Student Islamic Societies (FOSIS). Het Forum of European Muslim Youth and Student Organisations (FEMYSO), dat zich opwerpt als vertegenwoordiger van de Europese moslimjeugd, vierde eind vorige maand in Stockholm zijn 20-jarig bestaan.

Tegen die achtergrond heeft het heel lang geduurd voordat in Nederland een overkoepelende organisatie van moslimstudenten van de grond kwam. De achterstand heeft alles te maken met de herkomst van de eerste Nederlandse moslims. Ze kwamen niet als student aan een universiteit, maar om ongeschoold werk te verrichten in fabrieken. Het duurde enkele decennia voordat hun kinderen en kleinkinderen in volle omvang doordrongen tot het hoger onderwijs.

Begin dit jaar kreeg islamitisch Nederland alsnog zijn studentenkoepel, de Moslimstudenten Associatie Nederland (MSA), een bundeling van negen studentenverenigingen. Binnenkort treedt de MSA voor het eerst naar buiten met het evenement met de modieuze titel “Eenheid in diversiteit”, gepland op 21 mei aan de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam.

Er zijn drie redenen waarom ik denk dat de MSA ideologisch in de buurt van de Moslimbroeders (MB) zal opereren. Allereerst lieten de oprichters zich adviseren door Altaf Husain, een vooraanstaand figuur binnen de Amerikaanse MB. Husain was tweevoudig voorzitter (van 2007-2013) van de Moslim Students Association (MSA National), een van de eerste MB-organisaties (pdf) in Noord-Amerika. MSA National heeft nog steeds nauwe banden met andere organisaties van het MB-netwerk. De oprichters van MSA Nederland hebben de naam van de organisatie letterlijk gekopieerd van het Amerikaanse voorbeeld.

Lees de rest van dit artikel »