Stichting Democratie en Media steunt hoofddoeklobby van Moslimbroeders

Door Carel Brendel, 22 mei 2017

Stichting Democratie en Media (SDM) doet weer een nieuwe stunt. Onlangs meldde ik dat de mediastichting de workshop Moslims en Media subsidieert. Daar mocht de salafistische prediker Jamal Ahajjaj (Aboe Ismail) van de Haagse As-Soennah Moskee aan Rotterdamse journalisten vertellen hoe mooi de islam is. In samenwerking met de Open Society Foundations (OSF) van George Soros ondersteunen de zelfbenoemde erfgenamen van het zeer seculiere verzetsblad Het Parool nu ook juridische acties om de islamitische hoofddoek door te drukken op plaatsen waar deze nu nog niet mag.

Op de islamistische agenda staat een verweer tegen een recente uitspraak van het Europese Hof van Justitie, dat werkgevers (onder strikte voorwaarden) toestaat om de hoofddoek van de werkplek te weren. Dit vonnis was tegen het zere been van de Moslimbroeders. Zij begonnen dit voorjaar een campagne tegen de zogenaamde “Muslim Women Ban”, onder leiding van het European Network Against Racism (ENAR), een Europese koepel van “antiracistische” organisaties.

Opvallend was de deelname van enkele nauw met de Moslimbroederschap verbonden groepen. De ENAR-verklaring werd ondertekend door FEMYSO (de jongeren en studentenorganisatie van de Europese Moslimbroeders), het European Forum of Muslim Women (EFOMW, de vrouwenbond van de Moslimbroeders), en door de Franse en Belgische anti “islamofobie” collectieven CCIF en CCIB. ENAR zelf is een bredere organisatie, maar de islamitische “bloedgroep” is op Europees niveau volledig in handen van de Moslimbroeders via FEMYSO en EFOMW.

Dat laatste geldt (nog?) niet voor de Nederlandse ondertekenaars. Dat waren de Rotterdamse moskeekoepel SPIOR, de islamitische vrouwenvereniging Al-Nisa, en het links-seculiere Emcemo (bij lezers van dit blog vooral bekend vanwege de infame herdenking van Hamas-leider Ahmed Yassin). Deze drie clubs hebben zich in Nederland gestort op de bestrijding van “islamofobie”.

De leidster van de Europese campagne is Julie Pascoët, beleidsfunctionaris bij ENAR en voorheen actief bij FEMYSO en Islamic Relief, volgens expert Steven Merley een hulporganisatie van de Moslimbroeders, waarin internationale topfiguren als Ibrahim El-Zayat, Ahmed Al-Rawi, Essam Al-Haddad en Issam El-Bashir (de favoriete geleerde van PvdA-lid Aissa Zanzen) een hoofdrol speelden. Pascoët en vertegenwoordigers van bovengenoemde organisaties hadden in februari, onder auspiciën van OSF, in Barcelona nog een ontmoeting met de Amerikaanse nepfeministe Linda Sarsour. Daar werden Trans-Atlantische initiatieven tegen “islamofobie” besproken.

Onderonsje op een OSF-bijeenkomst in Barcelona. Links Linda Sarsour, rechts Julie Pascoët.

Op 16 mei was Pascoët namens ENAR in Amsterdam voor een “strategy meeting” over mogelijke hoofddoekprocessen. Daarbij prees ze het werk van Al-Nisa, waar sinds 2013 de voormalige “halalmeid” Esmaa Alariachi (eveneens ex-Islamic Relief) als voorzitter fungeert. Alariachi was afgelopen weekend prominent aanwezig bij de actie van een Amsterdamse wijkagente, die de dienstvoorschriften aan haar laars lapte door op eigen houtje alvast een hoofddoek om te doen. Deze provocatie paste mooi in het straatje van de hoofddoekdrammers rond Pascoët.

Esmaa Alariachi (rechts) met de zelf-islamiserende wijkagente.

Uit een andere tweet van Al-Nisa blijkt dat de zogeheten “Legal Expert Meeting” was belegd door het Open Society Justice Initiative, de Stichting Democratie en Media, het Clara Wichmann Proefprocessenfonds (een feministisch fonds dat bekend werd door tegen het vrouwenverbod in de SGP te procederen). de Universiteit van Amsterdam (UvA) en het Amsterdam Centre for European Law and Governance (ACELG), een instituut van de Amsterdamse universiteit. De UvA stelde ook een ruimte in de Oudemanhuispoort ter beschikking.

Het overleg had drie doelstellingen: “Informatie verstrekken over de uitspraak en uitdagingen van het Europese Hof van Justitie; het onderzoeken van de mogelijkheden voor juridische, politieke en sociale acties in Nederland; de rol van Nederland in Europa en versterkte Nederlandse coördinatie-inspanningen.” De derde doelstelling klinkt nogal vaag. Waarschijnlijk is het de bedoeling dat ons land een grotere rol gaat spelen in hoofddoekcampagnes en/of -processen.

Wat had SDM in godsnaam te zoeken bij dit overleg? Het Parool had tijdens en na de oorlog totaal niets met religie. In de uitsluitingsgronden (pdf) staat dat initiatieven met een primair (partij) politieke of religieuze doelstelling niet voor SDM-subsidie in aanmerking komen. Desondanks gaf de stichting geld voor een islamdebat in een moskee (van de Moslimbroeders) en een mediaproject, waar een salafist zijn ideologie kon promoten. En als er iets zowel politiek als religieus is dan zijn het wel de pogingen van Pascoët en de Moslimbroeders om de hoofddoek door te drukken.

Wat beweegt voorstanders van de open, liberale samenleving zoals SDM en Soros, maar ook de feministen van Clara Wichmann, om steun te verlenen aan de lobby van de Moslimbroeders? Ik vrees dat we hier te maken hebben met het misverstand van de goede bedoelingen. De Parool-erfgenamen denken te strijden tegen discriminatie en op te komen voor diversiteit, keuzevrijheid en vrouwenrechten. In werkelijkheid vertrappen ze juist de rechten van miljoenen vrouwen die wereldwijd worden gedwongen om hijab, niqab en alles wat daar tussen zit te dragen.

De goeddoeners van SDM en OSF staan niet stil bij kleine kinderen, die door hun ouders worden gedwongen een hoofddoek te dragen – een praktijk die intussen ook doordringt op niet-islamitische basisscholen in Nederland. Ze bestrijden niet de sociale druk van religieuze groepen, maar helpen de religieuze geestdrijvers juist om hun greep op vrouwen te vergroten.

De omkering van liberale waarden leidt er toe dat zichzelf progressief wanende instellingen bijdragen aan de promotie van op de sharia gebaseerde kledingregels. Moslimbroeders en salafisten, uitgesproken vijanden van de open, liberale samenleving, kraaien van plezier bij zoveel naïviteit. SDM & Co. bereiken ondertussen het tegendeel van wat ze beogen. Ze oogsten geen diversiteit en keuzevrijheid, maar bevorderen eenvormigheid en dwang in de doelgroep. De naoorlogse verzetsstrijders zijn niet “vrij, onverveerd”, maar doen met hun subsidies juist afbreuk aan de nagestreefde “integere, democratische rechtsstaat”.

Meer artikelen over Stichting Democratie en Media, ook van andere auteurs, vindt u bij ThePostOnline.

PS: Een aantal van de in dit artikel genoemde organisaties, met name ENAR, maar ook FEMYSO, EFOMW, CCIF en CCIB, ontvangen subsidies van de Europese Commissie en Open Society Foundations.